maandag 10 december 2018

Patrick DeWitt: De gebroeders Sisters

Ongrijpbaar fenomeen


In Amerika is De gebroeders Sisters van Patrick DeWitt een regelrechte hype. Het western genre is de laatste jaren weer heel voorzichtig in opkomst en het lijkt er op dat dit boek het laatste zetje heeft gegeven om oude tijden te laten herleven. De verfilming is reeds in de maak en ook in Europa wordt het boek inmiddels aardig verkocht. Op de website van Hebban regent het sterren voor het verhaal over de moordende broers Sisters, dat absoluut vlot te lezen is. Met name de jongste broer Eli, die het hele verhaal van begin af aan vertelt, is zeer welbespraakt en gezegend met een ontwapenend gevoel voor humor en understatement. Samen met de absurde situaties waarin de broers terechtkomen zorgt dit ervoor dat het verhaal in veel gevallen meer een parodie op een western is geworden en daarmee totaal onvergelijkbaar met de boeken van bijvoorbeeld Donald Ray Pollock of Cormac McCarthy. 

Op zich is De gebroeders Sisters een leuk en vermakelijk boek. Qua humor schiet DeWitt vaak met scherp maar als western is dit toch echt een losse flodder. In het verhaal zijn ook flink wat gaten te schieten, maar mogelijk dat daar vanaf het begin al niet de focus van de auteur heeft gelegen. Het is geen verhaal dat lang blijft hangen of een verpletterende indruk maakt. Waarom juist dit boek zoveel prijzen en nominaties heeft gewonnen is daarom wat onduidelijk. Juist daarom is er mogelijk sprake van een hype. Een ongrijpbaar fenomeen. 



De gebroeders Sisters
Patrick DeWitt
Uitgeverij Nijgh & Van Ditmar

Prijs:€ 12,50

vrijdag 30 november 2018

Henk Spaan: Nouri

OM TE JANKEN !



Je kon er op wachten. Het eerste boek over Nouri. Henk Spaan volgde het jonge wonderkind jaren op de voet en is daarom de logische auteur. Ruim een jaar na dato is het nog altijd moeilijk om over Nouri te lezen. Als fan van Ajax, als geboren en getogen Amsterdammer met zijn roots in Geuzenveld, als ex-speler van DCG, als liefhebber van sport, als mens. Het drama rondom Nouri raakte iedereen keihard. Niet alleen vanwege de hartverscheurende beelden, maar ook en vooral door het feit dat de jonge Marokkaan een heerlijk ventje was. Wie heeft de videoblog over Nouri niet gezien? Al jaren voordat hij in het eerste van Ajax zijn debuut mocht maken, lag de naam van Nouri bij veel volgers en fans van Ajax al op de lippen. Ik schreef ooit op twitter een bericht van – toen nog – honderdveertig tekens. Een eindeloos herhalen van de hashtag #nouri. Zo euforisch was ik na het zien van een wedstrijd van jong-Ajax met Nouri in een absolute hoofdrol. De echte kenners wisten het al vele jaren eerder. Toen Nouri samen met de inmiddels naar PSV vertrokken Bergwijn de verdediging van veel clubs tot opperste wanhoop dreef. 

Spaan belicht in zijn boek het zo goed als volledige verhaal van Abdelhak Nouri. Aan de hand van de getuigenissen van vrienden van de voetballer, alsmede klasgenoten, leraren, begeleiders, trainers en allerlei andere mensen die dicht of wat verder bij hem stonden. Het is geen boek geworden om in één keer uit te lezen. Als dat je lukt dan ben je op onvoorstelbare wijze in staat je emoties in bedwang te houden, of je begrijpt helemaal niets van het drama dat zich heeft afgespeeld. Dat tot op de dag van vandaag nog steeds gaande is. Terwijl Frenkie de Jong en Donny van de Beek de sterren van de hemel spelen, ligt Nouri doodstil op bed. De jongen die nu samen met zijn twee vrienden op het middenveld van Ajax en het Nederlands Elftal zou moeten spelen, die jaren en jaren het gezicht van een generatie was geworden en voetballiefhebbers in de gehele wereld in vervoering zou hebben gebracht.

Het is om te janken. Zoveel onrecht. Die kleine Nouri. Voetbal is plotseling onbelangrijk. Stond hij nou maar weer op. Kon hij maar weer lopen en praten. Het feit dat hij zo onvoorstelbaar goed kon voetballen maakt het natuurlijk niet erger. Als het iemand anders was overkomen, was het net zo erg. Maar Nouri…. Wie had er in hemelsnaam een hekel aan hem? Ik zie op dat plein in Geuzenveld nog altijd die jongens in een Feyenoordshirt met het rugnummer 34. Nouri kon als jongen van net 21 al meer bereiken dan al die praatgroepen, politici en burgemeesters bij elkaar. In het boek van Henk Spaan zie je de contouren van wat de toekomst had kunnen brengen. Van de schoonheid, kracht en menslievendheid die Nouri in zich had. 

Het boek van Spaan is de eerste aanzet tot meer. Meer boeken, meer verhalen, meer tranen, meer heimwee. Het is alleen allemaal niet genoeg. De leegte is te groot. Een blijvend verdriet. De voetballer Nouri is niet meer. 

Het hart van iedere liefhebber huilt.




Nouri
Henk Spaan
Uitgeverij Ambo|Anthos

Prijs: € 20,00

maandag 19 november 2018

Arjen van Veelen: Amerikanen lopen niet

JAGERS EN PROOI


Wow!

Dat is kort en krachtig de samenvatting van Amerikanen lopen niet, het uitstekend geschreven boek van Arjen van Veelen over de teloorgang van het midden van Amerika. Of eigenlijk over het grootste deel van Amerika, want het hele land is in snel vaart tempo aan het afglijden naar het niveau van een derde wereldland. Het hart van Amerika verkeert in een uiterst erbarmelijke staat en lijkt er onder het bewind van Trump niet beter op te worden. Arjan van Veelen woonde twee jaar in St. Louis, Missouri, als zijn vrouw daar een uitstekende baan als microbiologe kan krijgen. Ze betrekken een woning in een rustig deel van de stad, waar de verhoudingen tussen wit en zwart nog redelijk gelijk liggen. Geheel anders dan in het nabij gelegen Ferguson, waar in de periode dat Van Veelen er woont de ongewapende zwarte jongen Michel Brown wordt doodgeschoten door de politie. Doorzeefd met kogels terwijl hij volgens getuigen allebei zijn handen in de lucht had gestoken. Helaas voor hem was hij zwart en liep hij op straat. In beide gevallen ben je dan in delen van Amerika je leven niet zeker. 

Arjen van Veelen valt van de ene in de andere verbazing. Er bestaan honderden reisgidsen over St. Louis, de een nog mooier en dikker dan de andere. De auteur ontdekt dat er ook een reisgids bestaat voor héél Amerika, speciaal voor zwarte mensen. Met de routes en de rustplaatsen (hotels, motels) waar zij veilig kunnen overnachten. Voor heel Amerika! Het boekwerk telt nog geen twintig pagina’s. Rassenscheiding is in Amerika nog heel gewoon. Er wordt misschien niet (meer) over gesproken, officieel is het namelijk afgeschaft, maar het bestaat en in St. Louis is het tastbaar aanwezig. In de wijken waar de mensen wonen, in de kansen op de arbeidsmarkt en in de cijfers van de slachtoffers van geweld. 

Amerikanen lopen niet is een pijnlijk en confronterend boek, waanzinnig goed geschreven en steeds geplaatst in een historische context. Al sinds eeuwen is er een gapend gat tussen rijk en arm, zwart en wit en het lukt blijkbaar niemand om die enorme afstand te overbruggen. Hartverscheurend is het verhaal van de achttienjarige Latonya Williams, die iedere dag drie kilometer over de snelweg moet lopen naar haar werk bij de Burger King. Omdat het land niet is ingericht van mensen die lopen maar veel mensen een auto of het openbaar vervoer niet kunnen betalen, moet ze levensgevaarlijke capriolen uithalen om van en naar huis te reizen. Ze moet haar armoede met de dood bekopen als ze tijdens haar voettocht naar werk wordt geschept door een auto. Een dood die slechts de krant haalt in de wekelijkse statistieken van zwarte slachtoffers in het armste deel van de stad. Je krijgt al snel een enorme hekel aan Amerika en bent blij dat je in Nederland woont. Totdat je ons land en Europa leert bekijken door de ogen van een zwarte Amerikaan, een vriend van de auteur, die een paar dagen door Europa reist. Zijn de verschillen wel zo groot, kan je jezelf dan weer afvragen. Het zet je – zoals tijdens het hele boek – in ieder geval behoorlijk aan het denken.

Oh ja, waarom lopen Amerikanen in de grote steden van Amerika zo weinig? Lopende mensen zijn in de meeste wijken onder te verdelen in twee categorieën: jagers of prooi. Ga je als onschuldige sterveling lopend over straat, dan is de kans niet zo heel erg groot dat je met al je bezittingen en/of zonder kleerscheuren je bestemming bereikt.

Het is maar dat je het weet.



Amerikanen lopen niet
Arjen van Veelen
Uitgeverij De Correspondent

Prijs: € 18,00

woensdag 14 november 2018

Leví Weemoedt: Pessimisme kun je leren

OBSERVATIES MET RANDJES VAN GOUD


Özcan Akyol heeft de dichter Lévi Weemoedt weer opgewekt vanuit het graf. Dankzij de prachtig uitgevoerde bundel Pessimisme kun je leren maakt heel boekminnend Nederland nu kennis met het heerlijke werk van misschien wel de meest grappige dichter des vaderlands. In de boekwinkels is het boek niet aan te slepen en de uitgever is druk bezig met de ene na de andere herdruk. De twee optredens van Weemoedt bij DWDD hebben wonderen gedaan en hoewel een deel van de kenners dacht dat hij eigenlijk al overleden was, blijkt Weemoedt nog altijd springlevend te zijn. Alive and rhyming, als het ware. De bundel die Akyol heeft samengesteld is feitelijk een soort van Greatest Hits, hoewel de persoonlijke smaak van de samensteller natuurlijk wel een belangrijke rol heeft gespeeld. De kracht van Weemoedt zit vooral in de korte, rake observaties terwijl in Pessimisme kun je leren juist veel van het langere werk is opgenomen. Een kwestie van smaak, uiteraard. Waar je als liefhebber best wel mee kan leven, maar het is ook een beetje een gemiste kans. Zeker het nieuwe publiek dat voor het eerst kennis maakt met Weemoedt, kan zich waarschijnlijk beter vinden in de kort maar krachtige dichtregels, die weinig aan de verbeelding overlaten.

Wie dagelijks op een station moet zijn
gaat steeds minder hopen dat iets loopt als een trein


Pats! Die is raak. Herkenbaar voor een heel groot publiek. Makkelijk te onthouden en op te dreunen voor je collega’s op werk. Of in de trein, gewoon voor de grap. Als de conducteur net voorbij is geweest en je op je horloge ziet dat je die aansluiting in Utrecht wel weer kan vergeten. Het is de grote kracht van Lévi Weemoedt. Met zijn korte rijmen staat hij tussen de mensen. Hij weet wat hun irritaties zijn. Hoe ze zelf in elkaar zitten. Wat voor iedereen herkenbaar is, maar wat normale stervelingen niet onder woorden kunnen brengen. Met de langere gedichten is dat allemaal wat moeilijker, dat is mogelijk meer voor de verfijnde liefhebbers. Ze zijn leuk, hebben wat meer aandacht nodig, maar blijven minder makkelijk hangen. 

O, ik zag als kind al ons gezin
als een familiegraf met nog niemand erin


Mooier kan je het niet zeggen. Observaties met randjes van goud. Weemoedt is er een meester in. Deze bundel bevat het beste werk van de dichter, maar als je het kan waarderen, ga dan ook op zoek naar zijn andere boeken. Niet alles is meer leverbaar, maar hopelijk is de uitgeverij slim en brengen ze al zijn dichtbundel weer op de markt. Voorlopig kan je je met dit boekje al behoorlijk vermaken. Het staat inmiddels trots op de eerste plaats van de CPNB Top 60. Het best verkopende boek in Nederland. 

Met dank aan Özcan Akyol. Laten we dat óók niet vergeten! 



Pessimisme kun je leren
Leví Weemoedt
Uitgeverij Nijgh & Van Ditmar
Prijs:€ 15,00

vrijdag 9 november 2018

Leví Weemoedt: Met enige vertraging

ZELFS DE HERHALINGEN ZIJN FANTASTISCH


Onlangs stelde Özcan Akyol een bundel samen met de mooiste en leukste gedichten van Lévi Weemoedt. Beide mochten langskomen bij Matthijs van Nieuwkerk, waar Weemoedt te horen kreeg dat veel mensen dachten dat hij al dood was. Niets bleek minder waar. Persoonlijk wist ik niet eens dat hij was geboren. Nou, dat is niet helemaal waar. Ik had zijn naam wel eens gehoord, maar had geen flauw idee of hij een tijdsgenoot was van Joost Vondel, een leerling van Rembrandt of een figurant uit een van de eerste films van Bassie en Adriaan. Weemoedt is de prachtige pseudoniem van Jacobus van Wijk, maar met die naam kan je natuurlijk geen dichter worden. Özcan Akyol is een groot fan en wilde zijn held uit de vergetelheid rukken en heeft dat inmiddels op grandioze wijze gedaan. Het eerste optreden bij DWDD was een groot succes en kreeg al snel een vervolg. De veel te jong niet overleden dichter stal de show met heerlijke gedichten - light poetry - waarbij het publiek zichzelf op de dijen sloeg van het lachen. Hij vertelde vol spot dat hij veel optredens deed voor hondstrouwe liefhebbers van gedichten en dat die zalen met driehonderd man stijf waren uitverkocht. Poëzie is in Nederland duidelijk niet voor iedereen. Hoe anders als je op televisie een aantal prachtige voorbeelden van je werk mag vertellen, want in mum van tijd stond Lévi Weemoedt met de bundel Pessimisme kun je leren in de top drie van Nederland. Niet alleen de vaste driehonderd bezoekers van zijn optredens hadden de dichtbundel deze keer gekocht maar heel het land rende naar de boekwinkel. Weemoedt dreigt een succesvolle auteur te worden en ook voor zijn oudere bundels is plotseling vraag. 

Zelf kreeg ik een exemplaar van Met enige vertraging in handen. Een dun boekje, met een in dit geval zeer toepasselijke titel, vol met wonderlijke verhalen. In dichtvorm. Een paar van de pareltjes las Weemoedt ook voor tijdens zijn optredens bij DWDD en staan dus vermoedelijk ook in zijn door Akyol samengestelde verzamelbundel. Je hebt deze bundel op zich snel uit, maar het is moeilijk om hem echt terzijde te leggen. Vaak pak je hem weer op, om er toch weer even in te lezen. Je kent de gedichten inmiddels, maar ook een tweede, derde en vierde keer zijn ze leuk. Je haalt het boekje tevoorschijn om af en toe een paar toepasselijke regels te delen met een huisgenoot of mensen die toevallig bij je op visite komen. Sommige blijven zonder problemen in je hoofd hangen en neem je op die manier met je mee naar je werk. Om het daar uit blote hoofd op te dreunen als het onderwerp DWDD of Lévi Weemoedt ter sprake komt. Iets wat regelmatig kan voorkomen, na de verpletterende indruk die de dichter op televisie heeft gemaakt. 

Light poetry. 

Zeg Netflix maar op, kijk minder naar voetbal. Pak een boek. Bij voorkeur van Lévi Weemoedt. Zelfs de herhalingen zijn geweldig.




Met enige vertraging
Leví Weemoedt
Uitgeverij Nijgh & Van Ditmar

Prijs: € 15,99

donderdag 8 november 2018

Hans Dorrestijn: Het rimpel perspectief

ONDERHOUDENDE VERHALEN



Ik had nog nooit iets van Hans Dorrestijn gelezen. Ook nooit de behoefte gevoeld om daar enige verandering in te brengen. Het enige wat ik van hem wist was dat hij een notoire hondenhater is en gek op vogeltjes. Prima. Doe je niemand kwaad mee. Waarom dan nooit iets van hem lezen? Misschien dat wat chagrijnige hoofd? Uiteraard een hele slechte reden om de boeken van een auteur voor te negeren, maar zo werkt het soms nu eenmaal. Met de komst van Levi Weemoedt aan de tafel van Mathijs van Nieuwkerk – waarbij ik kennis mocht maken met diens vaak hilarische gedichten – mocht ook Dorrestijn onlangs aanschuiven. Hij las voor uit zijn nieuwe boek Het rimpel perspectief en wist bij mij een vrolijke snaar te raken. Sterker nog: net als bij het werk van Weemoedt moest ik voor de televisie erg hard lachen om zijn gedichten. Dat wat chagrijnige en depressieve hoofd bleek in staat tot zeer veel vrolijkheid. Met voor mij de aanschaf van Het rimpel perspectief als rechtstreeks vervolg.

Hoe overleef ik de oude dag? Dat is de ondertitel van het boek en Dorrestijn probeert daar in zijn boek de antwoorden op te geven. Hij kijkt wat neerslachtig terug op zijn leven en doet dat met een flinke dosis humor en zelfspot. Afgewisseld met een aantal gedichten steekt hij onder andere de loftrompet af over Harry Bannink, die hij ziet als een van de grootste componisten van deze tijd. Daar is – als je het boek leest – best wel wat voor te zeggen. Dorrestijn spaart zichzelf niet door regelmatig zijn drankzucht en mislukte relaties te benoemen, maar telkens als het té serieus dreigt te worden, komt hij weer met aan aantal originele kwinkslagen. Het zorgt voor mooie en onderhoudende verhalen met veel gemopper maar ook opvallend veel positieve wendingen. Op het eind van het boek besluit Dorrestijn met een opsomming van alle overleden vrienden en kennissen uit zijn leven. Althans, diegene die publiekelijk bekend (horen te) zijn. Sommige stonden heel dicht bij hem en een enkeling kwam niet verder dan een groet of een handdruk tijdens een receptie. De sombere lijst namen past perfect in het boek en zorgt voor misschien wel de meest rake observaties van Dorrestijn. 

Het rimpel perspectief leest als de trein waar Dorrestijn op bepaalde momenten van zijn leven misschien wel voor had willen springen. Het zorgt voor een glimlach en soms voor vertedering. Het laat je als lezer echter ook wel een beetje achter met het gevoel dat er iets meer in had gezeten. Misschien als Dorrestein het boek had geschreven ná de herontdekking door Nederland van de dichter Levi Weemoedt. Het maakt mij in ieder geval razend nieuwsgierig naar het volgende boek van de auteur. De lichte poëzie in het boek doet namelijk verlangen naar meer. 




Het rimpel perspectief
Hans Dorrestijn

Uitgeverij Nijgh & Van Ditmar
Prijs: € 19,99




zondag 10 juni 2018

Michel van Egmond & Jan Hillenius: Inside

OVERDOSIS HUMOR



Na Topshow uit 2014 is Inside het tweede boek van het duo Michel van Egmond en Jan Hillenius over het satirische voetbalprogramma Voetbal Inside. Een verplichte aanschaf voor alle liefhebbers van het programma, aangezien in dit boek duidelijk wordt gemaakt waarom de heren de stap hebben gezet om RTL in te ruilen voor het Veronica van John de Mol. Veel werd al duidelijk tijdens de reguliere uitzendingen, maar uiteraard kwam niet alles naar buiten. De befaamde mailtjes van directeurtje bijvoorbeeld, maar ook de vele discussies buiten de schermen over de inhoud van Voetbal Inside, de kritiek, de druk van sponsoren en al het gekonkel rondom de contractbesprekingen. Los van het inzicht in alle problematiek bevat het boek ook een overdosis aan humor. Het is haast onmogelijk om Inside te lezen zonder herhaaldelijk in de lach te schieten. Natuurlijk scheelt het als je de heren twee keer per week op de televisie ziet en je daarmee keer op keer kostelijk weet te amuseren. Tegenstanders van het programma kunnen het boek daarom beter maar niet lezen. Die zijn er in behoorlijke aantallen, maar meestal met meningen die gebaseerd zijn op korte stukjes uit de show die op internet staan. Tegenstanders noemen het programma homo fobisch, seksistisch, racistisch, vrouwonvriendelijk en soms ronduit grof. Dat laatste wil inderdaad wel eens het geval zijn, als je wekelijks kijkt weet je dat er van die eerste vier kwalificaties weinig tot niets klopt. 

Ik begrijp sowieso niet wat sommige mensen tegen Johan Derksen hebben. Hij is grappig, ad rem, weet veel over voetbal te vertellen en heeft een duidelijke eigen mening. Ik geef toe, hij gaat soms over het randje, maar dat is nu eenmaal een beetje het format van het programma. Hij wil wel eens hard - maar ook inhoudelijk - uithalen, maar maakt er ook geen punt van als de bal weer wordt teruggekaatst. Dat hij stelling neemt tegen een (piep)kleine minderheid van de Nederlandse bevolking die het spelen van cowboy en Indiaantje door kinderen wil verbieden is mijns inziens helemaal niet zo gek. Straks moeten ouders ook kinderen tot orde roepen die vader en moedertje spelen omdat het niet gender neutraal genoeg zou zijn. 

Gijp zou zeggen: zolang ze nog maar doktertje mogen spelen…

Het boek Inside is een sportboek dat niet zoveel over sport gaat maar meer over het maken van het voetbalprogramma en het roeien tegen de stroom in. Het maakt eens te meer duidelijk dat Gijp, Derksen en Genee maling hebben aan de wereld en het programma alleen maar maken omdat ze er plezier in hebben. En om het geld, zoals ze zelf als eerste zouden roepen. Terwijl ze donders goed beseffen dat ze telkens weer onder het vergrootglas liggen van mensen die wél een mening hebben over het programma maar er iedere week weer weigeren naar te kijken. 

Van Egmond en Hillenius hebben het perfect op papier gezet.


Inside
Michel van Egmond & Jan Hillenius
Voetbal Inside
Prijs: € 17,50




dinsdag 1 mei 2018

Annet Schaap: Lampje

ADEMBENEMEND

   
Annet Schaap is onder andere bekend van haar illustraties voor de jeugdboeken van Jacques Vriens, Janneke Schotveld en Francine Oomen. Met Lampje maakte ze eerder dit jaar haar debuut als auteur. Een behoorlijke pil, vol met prachtige en sfeervolle tekeningen maar bovenal een boek waarmee ze diepe, diepe indruk maakt. Lampje is het onvergetelijke verhaal van een jong meisje dat samen met haar vader in de vuurtoren van een klein schiereiland woont. Haar moeder is overleden en die klap is haar vader duidelijk niet te boven gekomen. Hoewel hij veel van zijn dochter houdt, verwaarloost hij haar ook en is het meisje feitelijk verantwoordelijk voor het reilen en zeilen van de vuurtoren. Als dat op een avond helemaal mis gaat, wordt ze door de plaatselijke autoriteiten uit huis geplaatst en moet ze verplicht gaan wonen in het mysterieuze huis van de plaatselijke admiraal, die doorgaans op zee te vinden is. Volgens de geruchten woont er in het huis een monster. Lampje maakt kennis met de bewoners van het huis, mist haar vader en het uitzicht op de zee en ontdekt al snel dat de geruchten een kern van waarheid bevatten.

Het debuut van Annet Schaap is in één woord adembenemend te noemen. Wat een fantastisch verhaal, voor jong en oud. Het is spannend, grappig, ontroerend en bovenal prachtig geschreven. Alle personages in het verhaal komen volledig tot leven en vooral Lampje sluit je als lezer meteen in je hart. Annet Schaap doet met haar debuut waar veel auteurs hun hele leven – vaak vergeefs – naar streven. Ze schreef een klassieker. Dit geweldige boek zal de tand des tijds ruimschoots doorstaan en generatie op generatie aanspreken door de absolute schoonheid en de magische aantrekkingskracht van het verhaal. Een ongekende prestatie. Annet Schaap wordt nu al vergeleken met Astrid Lindgren, Paul Biegel en Tonke Dragt. Dat is mooi, maar in haar geval absoluut onnodig. Annet Schaap is met haar debuut volledig in staat om op eigen benen te staan en heeft vergelijkingen met andere auteurs niet nodig. 

Ik herhaal het graag: dit boek is adembenemend.

Lampje
Annet Schaap
Uitgeverij Querido
Prijs: € 16,99




dinsdag 9 januari 2018

Conrad Kobbe: Trixi (Conny Coll # 01)

Jeugdsentiment



Toen ik een jaar of dertien, veertien was verslond ik de westerns van de Duitse auteur Conrad Kobbe over Conny Coll. Er verschenen er meer dan tachtig en ik denk dat ik ze bijna allemaal wel heb gelezen. Alle boek- en sigarenwinkels in de directe omgeving van het Amsterdamse Geuzenveld waar tijdschriften en/of boeken werden verkocht heb ik afgestruind in de hoop weer een paar nieuwe pockets te vinden. Er verschenen losse delen en omnibussen, waardoor ik soms ook titels dubbel kreeg. Niets aan te doen, het belangrijkste was om de serie compleet te krijgen. Hoofdpersoon Conny Coll was een dertienjarige jongen uit Arizona die al op jonge leeftijd het ouderlijk huis verliet en uitgroeide tot een revolverheld van ongekend niveau. Mensen die hem zagen oefenen gaven hem al snel de bijnaam Trixi, aangezien het wel leek alsof hij kon toveren met zijn wapens. De boeken van Kobbe hadden een magische aantrekkingskracht op veel jongeren en tot op de dag van vandaag zijn mensen hartstochtelijk op zoek om de serie (weer) in het bezit te krijgen. Jeugdsentiment van de bovenste orde. Maar ook een soort magische aantrekkingskracht naar de avonturen van Conny Coll in het fameuze wilde westen. Hij werd op nog altijd jonge leeftijd lid van een speciale afdeling van de grensruiters van Texas, de G-man van kolonel Sinclair. In de reeks schreef Kobbe meerdere delen over de andere leden van de groep terwijl ook de woeste natuur van het Amerika van die tijd regelmatig centraal stond. Samen met de spanning en de humor maakte het de serie over Conny Coll een verslaving voor veel kinderen  in de jaren zeventig en tachtig.

Waren de boeken over Conny Coll echt zo goed als in mijn herinnering staat gegrift? Onlangs kreeg bij toeval de hele serie weer in mijn bezit. Het eerste deel, Trixi, stond nog redelijk in mijn geheugen gegrift. Dat bleek tijdens het lezen, toen ik bepaalde delen van het verhaal nog vrij helder voor de geest kon halen. Ruim veertig jaar later! Verouderd taalgebruik, opvallend veel taalfouten en soms een wat belerend toontje van de auteur. Het deed er echter niet toe. Al na een kleine tien pagina’s zat ik weer helemaal in de wereld van Conny Coll en hoewel ik het minder spannend vond dan al die jaren geleden, begreep ik nog wel volledig waarom ik toentertijd zo mijn best heb gedaan om alle delen in mijn bezit te krijgen. Ik had ook westerns van Max Brand, Zane Grey, Louis L’Amour en Joe Silent (de enige die enigszins in de buurt kwam van de serie over Conny Coll), maar Conrad Kobbe stond met afstand bovenaan. 

In het eerste deel werd de basis gelegd voor de rest van de serie. Veel gebeurtenissen werden in de latere delen pas uit de doeken gedaan. Veel avonturen heb ik nog redelijk helder voor de geest, zoals bijvoorbeeld die tijdens de aardbeving van San Francisco in 1906. De prettige en snelle schrijfstijl van Kobbe heeft de tand des tijds redelijk doorstaan. Het eerste deel heb ik met veel plezier opnieuw gelezen. 

Het tweede deel ligt klaar.


Trixi
Conrad Kobbe
Uitgeverij Kerco





dinsdag 2 januari 2018

Mart Smeets: Mijn Amerika

Een vliegje op de voorruit


Mart Smeets was vele jaren hét boegbeeld van de Nederlandse sportjournalistiek. Onaantastbaar op de televisie en ongenaakbaar als expert op het gebied van veel Amerikaanse sporten. Het zorgde zijn hele carrière voor bewondering, afgunst en controverse. In Amerika zou Smeets een held zijn geweest, een toonaangevende naam binnen de sportwereld. In Nederland is dat uiteraard stukken minder, hier doen we niet of nauwelijks aan heldenverering. Als je in ons kikkerlandje met je hoofd te lang boven het maaiveld uitkomt, kan je er op wachten dat je uiteindelijk aan de beurt komt. Smeets is echter onmiskenbaar een grootheid binnen zijn vakgebied. Daarnaast is hij in de loop der jaren ook uitgegroeid tot een enorme kenner en liefhebber van Amerika en dan met name van de sportieve, muzikale en historische iconen. Dat was altijd al te merken in veel van zijn documentaires, zijn boeken en zijn mediaoptredens. Zijn haat/liefde relatie met Amerika komt ijzersterk naar voren in het boek Mijn Amerika, waarin hij verteld over zijn vele reizen door het land dat op zoveel mensen een onweerstaanbare aantrekkingskracht heeft. Reizen voor Studio Sport en voor tijdschriften en dagbladen die hem op pad stuurden om ergens verslag van te doen. Maar ook reizen met zijn vrouw en/of zijn kinderen, welke hem langs ontelbare platenwinkels en boekhandels heeft gebracht. Smeets leerde Amerika kennen als een waanzinnig land met een prachtige historie, veel muzikale grootheden, onvoorstelbare sporthelden maar ook als een land met enorme tegenstrijdigheden en sociale misstanden. De verschillen tussen rijk en arm, de haat en nijd tussen blank en zwart. Het Amerika van Mart Smeets leunt nog op de grootheid en potentie uit het nabije verleden maar is inmiddels hard op weg om een derdewereldland te worden. 

Het mooiste van Mijn Amerika is de liefde van Mart Smeets voor boeken en muziek. Als een kind in een snoepwinkel loopt hij likkebaardend door de mooiste winkels van Amerika. Hele stapels boeken en cd’s gaan mee in de koffer en in alle hoofdstukken van dit boek doceert Smeets als een leraar de meest opzienbarende feiten die hij daarin ontdekt. Hij bezoekt vol bewondering een concert van Taj Mahal, de geweldige blueszanger uit New York en geeft geschiedenisles over de achtste president van Amerika, de oorspronkelijk uit Nederland afkomstige Martin van Buren. Hij verteld vol passie over de geschiedenis van Ben & Jerry’s en hun thuishaven Vermont en geeft les over de Amerikaanse Burgeroorlog, de Mormonen, de Kennedy familie, de I 80 van Salt Lake City naar Park City, de KKK en nog veel en veel meer. Hij bezoekt bekende en minder bekende hotels en restaurants en doet op meeslepende wijze verslag van veel van zijn ervaringen in Amerika en de vaak overweldigende schoonheid van de natuur. 

De passie en het enthousiasme spatten van het papier, samen met de verbijstering en soms zelfs het afschuw. Het boek is vooral eerlijk en het geeft niet alleen een beeld van het Amerika van de afgelopen veertig jaar, maar geeft tevens inzicht in de persoon van Mart Smeets. Op het scherm soms een autoritaire man die zich door niemand zichtbaar van zijn stuk laat brengen. In dit boek echter een mens van vlees en bloed die dankzij zijn enorme journalistieke kwaliteiten de kans heeft gekregen om zijn dromen te vervullen. Het sociale onrecht raakt hem zichtbaar en de kern en manier van denken van de meeste Amerikanen blijft in veel opzichten ook voor hem als Amerika kenner een compleet raadsel. Als lezer ben je een vliegje op de voorruit van de auto waarmee Smeets door Amerika reist. Je ziet alles door zijn ogen al laat hij het in de meeste gevallen aan jou over om er een eigen mening over te vormen. De geschiedenislessen zijn zeer interessant en goed geschreven en voor je het weet heb je het boek uitgelezen. Samen met Mart Smeets heb je duizenden kilometers afgelegd en ben je soms meer dan honderd jaar terug in de tijd gegaan in een poging het hedendaagse Amerika beter te begrijpen. Het land van de onbegrensde mogelijkheden, volgens ons Europeanen. Een land dat, volgens veel van de inwoners, vooral gaat om geld, ras en macht. In ieder geval een land van uitersten. Vooral dat laatste brengt Mart Smeets in het zeer aan te bevelen Mijn Amerika duidelijk voor het voetlicht.


Mijn Amerika
Mart Smeets
Uitgeverij De Kring
Prijs: € 18,50




zondag 19 november 2017

Sander Verheijen: Ik kan er nét niet bij

Imponerend



Het is redelijk afgezaagd om een boek als Ik kan er nét niet bij imponerend te noemen. Een persoonlijk relaas van een vader die ontdekt dat zijn pasgeboren tweeling minder gezond in het leven is gestapt dan je als ouders maar al te vaak als vanzelfsprekend neemt. Willem werd geboren met een zware hersenbeschadiging en Maurits heeft autisme. De woorden imponerend en indrukwekkend zijn dan al snel gevonden als je het boek aan het lezen bent. Zeker als het ook nog eens goed en snel geschreven is en er een scala van emoties voorbij komen. Verdriet, uiteraard. Maar ook hoop, humor en bovenal hele scheepsladingen aan liefde. Imponerend is ook een lekker woord als je naast al het bovenstaande de auteur van het boek persoonlijk kent. Het verhaal krijgt dan nét een iets ander kleurtje, je eigen emoties liggen wat dichter aan de oppervlakte. Als vader van twee gezonde kinderen is het makkelijk om een geboorte als iets normaals te beschouwen. Natuurlijk ben je als aankomende vader ontzettend zenuwachtig en is het zeer frustrerend dat je feitelijk machteloos bent en dat het negen maanden lang totaal niet om jou draait. Maar dat ben je allemaal vergeten als je je kind dan uiteindelijk in je armen hebt liggen. Voor Sander Verheijen gold hetzelfde. Apetrots stond hij op de foto met zijn twee kinderen. Toen nog niet bewust van het drama dat zich reeds had voltrokken. Zijn vrouw Jip had tijdens de zwangerschap een alarmbel horen luiden. Ze was Willem even kwijt. Ze voelde hem niet meer. Na onderzoek in het ziekenhuis bleek er waarschijnlijk niets aan de hand. Waarschijnlijk…. 

Ik kan er nét niet bij is het verhaal van Jip en Sander Verheijen. Het is het verhaal van viervoeter Gant. Maar Willem en Maurits staan ontegenzeggelijk centraal. De rol van Sander is prachtig. De man die denkt dat zijn vrouw de spil van het gezin is. Die denkt dat hij soms tekort schiet. Die vaak de verkeerde opmerkingen maakt en de ogen van zijn vrouw vervolgens ziet vuurspuwen. De vader die zichzelf op de een of andere manier misschien niet echt als een geslaagde vader ziet. Feit is dat Jip als moeder fantastisch is. Zoals gelukkig vrijwel alle moeders. Vrouwen worden tijgers als ze moeder worden. Daar kan niets en niemand tegen op. Vrouwen zijn in een relatie het sterke geslacht. Laat daar geen misverstand over bestaan. Maar Sander doet in werkelijkheid maar weinig fout. Hij is kwetsbaar en kan daar niet altijd mee om gaan. Mannen mogen niet huilen. Vinden we zelf. Mannen kunnen vaak minder goed omgaan met hun eigen emoties en sturen op het kompas van hun partner. Dat klinkt misschien soft en onvolwassen, maar het is nu eenmaal een gegeven. Boys will be boys. De vraag is alleen of Jip het zonder Sander had gered. De kracht om alles te geven om de best mogelijke toekomst voor Willem en Maurits te realiseren is de optelsom van beide ouders. Dat maakt dit boek ondubbelzinnig duidelijk. Het is opgedragen aan Jip, de moeder van Willem en Maurits. Na het lezen kan ik heel goed begrijpen waarom Sander dat heeft gedaan. Maar hij doet zichzelf te kort door haar rol boven die van zichzelf te plaatsen. Na het lezen van dit boek zie je namelijk niet één, niet drie maar vier hele bijzondere mensen.

De familie Verheijen is een prachtig gezin. Twee ouders die zielsveel van hun kinderen houden. Dat is niet anders dan een doorsnee gezin. Doorsnee…. Ze willen het eigenlijk dolgraag zijn, maar kunnen dat etiket niet op hun eigen situatie plakken. Omdat uiteindelijk niets echt doorsnee is aan hun situatie. Met verwondering en bewondering lees je het zeer bijzondere en ontroerende verhaal van de tweeling Willem en Maurits. Hoeveel kan je als gezin overkomen? Hoeveel kan je verwerken? Heel veel. Dat is het simpele antwoord op die vragen. Heel erg veel. Sander beschrijft de meest ingrijpende jaren uit zijn leven met een heldere pen. Hij spaart zichzelf niet en toont al zijn emoties, zijn zwakheden maar ook zijn kracht. Dat laatste bezit hij in grote mate en ik bewonder hem daarin enorm. Hij vecht voor het geluk van zijn kinderen. Zijn prachtige kinderen, dat is wel duidelijk. Anders dan de meeste andere kinderen, maar prachtig zijn ze. En de moeite waard om voor te vechten. Samen met Jip.

Ik kan er nét niet bij is een imponerend boek omdat het niets mooier maakt dan het is. Het laat zien wat je als ouders kan overkomen en hoe je daar vervolgens een weg in moet vinden. Hoe er een extra sterke band kan ontstaan tussen man en vrouw en tussen ouders en kinderen. Hoe je de ene klap na de andere kan incasseren zonder tegen de grond te gaan. Rauw, eerlijk, open, intiem, emotioneel. Vol liefde voor elkaar. Dát is het imponerende deel. Nooit verzaken, ondanks twijfels en verdriet. Had ik dit boek ook gelezen als ik Sander Verheijen niet persoonlijk had gekend? Waarschijnlijk niet. Maar wat ben ik blij dat ik Sander wél ken en het wél heb gelezen. Met een brok in mijn keel . En wat zou ik graag willen dat iedereen het gaat lezen. Tranen met tuiten. Van het lachen en van het huilen. Van dit boek kan je als mens heel veel leren. Met dank aan Sander en Jip. Met dank aan Gant. Met dank aan die bijzondere tweeling. 

Vijf sterren voor vijf sterren.


Ik kan er nét niet bij
Sander Verheijen
Uitgeverij HarperCollins Holland
Prijs: € 17,99






maandag 5 juni 2017

Pierre Lemaitre: Alex

Totale verbijstering



Het tweede deel van Pierre Lemaitre in zijn op dit moment vierdelige reeks over commandant Camille Verhoeven wijkt enigszins af van het eerste deel. Schreef hij Irene in verleden tijd en in vaak korte hoofdstukken, met Alex speelt alles zich af in de tegenwoordige tijd en zijn de meeste hoofdstukken aanzienlijk langer. Het is inmiddels vier jaar later en Verhoeven kampt overduidelijk met de naweeën van de gebeurtenissen die in het eerste deel plaatsvonden. Zijn inmiddels ontbonden team komt weer grotendeels bij elkaar als hij de opdracht krijgt om uit zijn zelf verkozen isolement te komen en de ontvoering van een jonge vrouw te onderzoeken. In eerste instantie wil Verhoeven weigeren. Hij doet alleen nog maar kleine zaken, waarbij de doden achter hem liggen. De doden die definitief en onweerlegbaar dood zijn. Ontvoeringen horen daar niet bij. Zijn baas en vriend Le Guen is echter onvermurwbaar en dwingt Verhoeven deze zaak op te lossen.

Alex is een geweldige thriller die in hoog tempo en met veel plotwisselingen als een film aan je voorbij trekt. Na honderd pagina’s denk je te weten wat er aan de hand is, maar halverwege het verhaal ontdek je dat een groot deel van wat je dacht niet blijkt te kloppen. Dat er heel iets anders speelt wat je niet hebt zien aankomen. Pierre Lemaitre laat je lange tijd in die waan en om vervolgens in het derde deel van het boek te laten doorschemeren dat er misschien toch nog héél iets anders aan de hand kan zijn. Om tenslotte met een daverende afsluiting te komen die volledig recht doet aan het gecompliceerde, intrigerende en onthutsende verhaal. Als lezer ben je in het begin geschokt door de wreedheid van de ontvoerder, geïmponeerd door het lef en de vastberadenheid van de ontvoerde vrouw. Daarna komen kolkende emoties als opperste verbazing, diepe afschuw en totale verbijstering om de hoek kijken, om vervolgens licht mededogen te voelen dat uiteindelijk weer overgaat in diepe haat en een groot gevoel van gerechtigheid. Razend knap dat een auteur in één boek zoveel verschillende gevoelens en reacties kan oproepen in een verhaal dat van begin tot eind ook nog eens volstrekt overtuigend en geloofwaardig is. Wie is het slachtoffer? Wie is de dader? Wie is schuldig en wie niet? Gesteund door zijn team moet Verhoeven worstelen met de gelijkenissen die er zijn tussen de ontvoerde vrouw en zijn eigen Irene. Alles loopt in elkaar over en je gaat twijfelen of Camille Verhoeven wel in staat is om deze zaak tot een goed einde te brengen. Ook binnen zijn omgeving beginnen mensen daar vraagtekens bij te zetten, maar de commandant weet als geen ander hoe hij de feiten – of het gebrek daaraan – moet interpreteren. 

Pierre Lemaitre is een auteur die bijna met niemand anders te vergelijken valt. Zijn boeken zijn uitermate spannend, bevatten gruwelijke elementen, vaak een beklemmende sfeer en zetten je doorlopend op het verkeerde been. De ontknopingen zijn stuk voor stuk kleine meesterwerkjes en hij zorgt ervoor dat de opgeroepen emoties bijna letterlijk onder je huid kruipen. Fantastisch! Net als Irene is ook Alex een boek dat je nauwelijks even kan wegleggen. Je wordt gedwongen om in hoog tempo door te lezen en te ontdekken wat er nou precies aan de hand is. Het boek is daardoor veel sneller uit dan je lief is en na het omslaan van de laatste pagina kan je niet anders dan concluderen dat je wederom een meesterlijke ervaring rijker bent. 

Wat een boek! Wat een auteur!


Alex
Pierre Lemaitre
Uitgeverij Xander
Prijs:  € 10,00






donderdag 1 juni 2017

Pierre Lemaitre: Drie dagen en levenslang


Verwoestend


‘Als voor de ogen van de twaalfjarige Antoine zijn lievelingshond wordt vermoord, reageert hij zijn woede af op zes zesjarige buurjongetje. Hij slaat en schopt en gaat net zolang door tot…’

Voor je een boek leest of koopt bekijk je in de regel altijd even de achterkant. Om te zien waar het verhaal ongeveer over gaat. Soms twijfel je dan, omdat het je niet aanspreekt en soms ben je meteen enthousiast. In beide gevallen is het geen garantie dat je een goed, matig of slecht boek in handen hebt. De achterkant is echter wel belangrijk en iedere uitgever hoort er zijn best op te doen. Toch lijkt dat niet altijd het geval te zijn. Neem de thriller Irene van Pierre Lemaitre, waar op de achterkant van de eerste druk gewoon een groot deel van de plot wordt verklapt in twee simpele regeltjes. Het ontneemt de lezer een aanzienlijk deel van het plezier bij een boek dat ondanks dat magistraal kan worden genoemd. Ook met Drie dagen en levenslang gaat het – weliswaar minder ingrijpend – fout. Je krijgt meteen een hekel aan hoofdpersoon Antoine als je op de achterflap leest dat hij een buurjongetje op brute wijze doorslaat. En schopt. En blijft doorgaan met slaan en schoppen tot de zesjarige dood is. Om het vervolgens te hebben over een ongeluk. En de angst van Antoine dat niemand het zal geloven.

Nee, natuurlijk niet. De kleine rotzak. Het kan een reden zijn het boek aan de kant te leggen. Ongeloofwaardig. Vergezocht. Tot je het boek leest en vervolgens ziet dat Antoine na de wrede dood van zijn lievelingshond in tranen naar zijn boomhut rent. Als hij merkt dat hij niet alleen is slaat hij met een stok één keer naar zijn zesjarige buurjongetje. Hij raakt hem daarbij op zijn slaap waarna het ventje naar de grond gaat. Niets slaan en schoppen en net zolang doorgaan tot hij dood is. Hoe komt de uitgever, waar ze het boek neem ik aan toch ook hebben gelezen, dan aan zo’n tekst? Onbegrijpelijk. Maar vooral totaal onverteerbaar, want Pierre Lemaitre verdiend een betere behandeling door de mensen die zijn boeken mogen uitbrengen. Want wat kan deze man schrijven! Onvoorstelbaar. Drie dagen en levenslang telt maar 206 pagina's, maar imponeert met iedere letter, ieder woord en iedere zin. Waar andere auteurs soms tientallen pagina's nodig hebben om een beeld van een stadje of het karakter van een personage te schetsen, daar gebruikt Lemaitre slechts enkele penstreken. Om daarmee vervolgens veel meer te zeggen dan duizend onnodige woorden. Je kruipt in de huid van de twaalfjarige Antoine en voelt zijn onvoorstelbare verdriet en zijn enorme schuldgevoel. Hoe gaat een jongen van twaalf hier mee om? 

Aangezien de situatie volledig anders is dan de tekst op de achterkant van het boek je wil doen geloven, voel je volop sympathie voor Antoine. Maar ook voor het zesjarige slachtoffer. Voor zijn ouders en zijn zus. Het hele leven raakt totaal ontwricht en nergens lijkt er nog enige houvast te vinden. Niet in het geloof, ondanks de inspanningen van de plaatselijke kerk. Niet in de gemeenschap, dat na een verwoestende storm al snel zo haar eigen prioriteiten heeft gekregen. Lemaitre knalt de innerlijke strijd van de hoofdrolspelers rauw op je netvlies en er valt niet of nauwelijks aan de uiteenlopende emoties van het drama te ontkomen. Op het eind van het verhaal verspringt de tijd steeds een aantal jaar vooruit. Als lezer krijg je dan een iets ander gevoel bij de nog altijd jonge Antoine. De angsten waarmee hij als 12-jarige weg kon komen, gelden minder als de jaren toenemen. Feit is dat zijn jeugdjaren hem blijven achtervolgen en Lemaitre heeft een mooie manier gevonden om de 'levenslang' in de titel op een mooie en aansprekende manier waar te maken. Vervang op pagina 206 in de bovenste zin wel even de naam van mevrouw Kowalski door die van mevrouw Courtin (weer een onbegrijpelijke fout van de uitgever) en het slotstuk is vervolgens de kers op de taart.


Drie dagen en levenslang
Pierre Lemaitre
Uitgeverij Xander
Prijs: € 19,99